"Por" of "Para"? De ultieme truc om ze nooit meer door elkaar te halen
Als je Spaans leert, heb je jezelf waarschijnlijk al eens afgevraagd: wanneer gebruik je "por" en wanneer "para"?
Het is een van de lastigste grammaticaonderwerpen voor studenten Spaans, omdat beide woorden in veel talen hetzelfde lijken te betekenen. Toch worden ze in heel verschillende situaties gebruikt.
Gelukkig kun je het verschil onthouden met een paar eenvoudige regels.
Wanneer gebruik je "para"?
Over het algemeen gebruik je para voor een doel, bestemming of bedoeling.
Doel
Voorbeelden:
Estudio para aprobar el examen.
Este regalo es para ti.
Trabajo para ahorrar dinero.
Vraag jezelf af: Met welk doel?
Gaat het om een doel, dan kies je meestal voor para.
Bestemming
Voorbeelden:
Mañana salimos para Madrid.
Este tren va para Sevilla.
Wanneer gebruik je "por"?
Por gebruik je meestal voor een reden, oorzaak, middel of route.
Reden
Voorbeelden:
Gracias por tu ayuda.
Lo hice por amor.
Cancelaron el vuelo por la lluvia.
Vraag jezelf af: Waarom?
Als je de reden noemt, gebruik je meestal por.
Middel
Voorbeelden:
Hablamos por teléfono.
Te envío el documento por correo electrónico.
Viajamos por tren.
Route
Voorbeelden:
Paseamos por el parque.
Caminé por el centro de la ciudad.
De eenvoudigste geheugensteun
PARA = doel, bestemming of bedoeling.
POR = reden, oorzaak, middel of route.
Oefening
Estudio ___ conseguir el nivel B2.
Gracias ___ venir.
Este libro es ___ mi profesora.
Hemos viajado ___ tren.
Paseamos ___ la playa.
Antwoorden
para
por
para
en (gebruikelijker) of por
por
Blijf oefenen
Maak je geen zorgen als je por en para nog weleens door elkaar haalt. Zelfs gevorderde studenten twijfelen soms.
Door veel Spaans te lezen, luisteren en spreken wordt het gebruik vanzelf steeds makkelijker.
ESP
ENG
DEU
ITA
NLD
POL
SWE
FRA
CES